Wat te doen tegen brandend maagzuur?

Reflux, we hebben er allemaal weleens last van. Maar hoewel het vaak slechts iets sporadisch is, kampt een op de vijf Belgen met wekelijkse zure oprispingen. En dat terwijl er al heel wat aan te doen valt, door je gewoontes te veranderen. Wij vertellen je welke.

Typerend bij brandend maagzuur is een branderig gevoel achter het borstbeen, soms in combinatie met de keel. Je proeft dan als het ware de zure maaginhoud in je mond. Opboeren en een hese stem kunnen hier ook het gevolg van zijn, net als slikklachten.

HOE KRIJG JE HET EIGENLIJK?

Je maag verwerkt alles wat je eet en drinkt, door zure maagsappen. Deze bevatten onder andere een agressief zoutzuur. Normaal gezien kan wat in de maag zit niet terug richting slokdarm, door een dubbel klepmechanisme. Een sluitspier zorgt daarvoor.

Bij brandend maagzuur staat de sluitspier in de maag echter open, waardoor maagsappen terug naar boven richting slokdarm kunnen.

Een belangrijke oorzaak van de ellende is een verhoogde druk in de buik. Het hebben van overgewicht of zwanger zijn kan dit in de hand werken, maar ook strakke kleding of te veel hoesten en persen.

WAT KAN JE ER TEGEN DOEN?

Allereerst kan je de klachten serieus verminderen en zelf helemaal wegnemen, door je manier van leven te veranderen:

- Eet vaker kleinere porties, dan twee of drie keer per dag zwaar te tafelen.

- Eet minder vettig voedsel en vermijd stevig gekruid eten. Groenten en fruit daarentegen helpen enorm.

- Eet niet meer binnen de drie uur voor het slapengaan. Direct na de maaltijd in je zetel gaan liggen is ook af te raden, want de zwaartekracht doet dan z’n werk.

- Drink zo weinig mogelijk alcohol, frisdranken en volle melk. Ook veel koffie drinken is een slecht plan. Beter is om veel water te drinken.

- Stop met roken.

- Stel je toiletbezoeken niet uit, maar ga meteen. Zo vermijd je onnodig persen.

Als je op het moment zelf klachten hebt, kan je ze snel verminderen door magere melk of muntthee te drinken. Ook kauwgom kauwen helpt, omdat het de aanmaak van speeksel stimuleert.

Daarnaast zijn volgende makkelijke ingrepen aan te raden:

- Zorg er altijd voor dat je hoofd hoger zit dan je maag. Leg bijvoorbeeld een extra kussen in je bed.

- Draag geen strak zittende kleding ter hoogte van de maag.

- Vermijd het vooroverbuigen. Beter is om door te knieën te zakken bij het bukken.

Als bovenstaande zaken niet helpen, kan medicatie een oplossing zijn:

- Als je af en toe last hebt, kun je een antacidum of maagzuurbinder gebruiken. Deze is zonder voorschrift te krijgen. Je neemt ze een uur voor iedere maaltijd en voor je gaat slapen. Vraag wel raad aan een van onze partner-apothekers, want deze binders hebben vaak invloed op andere geneesmiddelen. Die neem je dan ook best minstens twee uur voor het antacidum.

- Komt het brandend maagzuur regelmatig terug? Dan kan je in overleg met je huisarts gaan voor een maagzuurremmer. Deze mag je echter niet langer dan twee maanden nemen.

MOET IK NAAR DE HUISDOKTER?

Als je slechts bij momenten eens last hebt van brandend maagzuur, is naar de dokter rennen echt niet nodig.

Een bezoekje is echter wel nodig als de klachten langer dan twee weken aan een stuk blijven duren. Zeker als je slikproblemen krijgt en zonder reden begint te vermageren, of moe bent.

Ook als je op eigen initiatief een maagzuurbinder neemt en deze na een week geen beterschap brengt, kan je best richting huisarts trekken. Deze kan je dan een maagzuurremmer voorschrijver of je doorverwijzen naar een specialist.

IS HET EIGENLIJK GEVAARLIJK?

Laten we je alvast geruststellen: als je slechts af en toe last hebt van reflux, heeft dit bijna nooit nare gevolgen.

Bij jarenlange klachten is dit echter anders. De agressieve maagsappen kunnen namelijk flink wat schade aanrichten. Vooral de slokdarm loopt een groter risico op ontstekingen of zelfs slokdarmkanker, doordat het slijmvlies wordt aangetast. Ook kan het de slokdarm vernauwen door littekenweefsel, waardoor je moeilijker kan eten.

Kortom: chronische reflux laat je best zo snel mogelijk behandelen.

  • De Pil: Alles wat je moet weten over de pil

    Een van dé uitvindingen van de vorige eeuw: de pil. Seks kunnen hebben zonder je zorgen te hoeven maken om ongewenst zwanger te geraken. Mits je de pil neemt zoals het hoort natuurlijk én je je ook bewust bent van de bijverschijnselen. Alles wat je moet weten over de anticonceptiepil.

    HOE WERKT DE PIL?

    In de anticonceptiepil zitten hormonen die ook je lichaam zelf al aanmaakt. De extra hormonen die je lichaam binnenkrijgt geven aan je eierstokken door dat ze geen eitje moeten produceren. Er vindt dus geen eisprong plaats. Ook kunnen zaadcellen niet meer door het slijm van de baarmoederhals geraken en kan een bevruchte eicel zich niet in het slijmvlies van de baarmoeder nestelen. Wanneer je seks hebt en sperma in je lichaam komt, kan die dus geen eitje bevruchten en kan je niet zwanger worden.

    Er zijn twee soorten pil: de gecombineerde contraceptiepil die bestaat uit oestrogeen en progestageen en de minipil, die enkel uit progestageen bestaat. Dit zijn beiden éénfasepillen, dat betekent dat elke pil eenzelfde hoeveelheid hormonen bevat. Het grote verschil is dat de minipil minder sterk is maar wel beter werkt voor wie last heeft van bijverschijnselen van de combinatiepil. Daarnaast bestaan er ook tweefase- en driefasepillen, waarbij de hoeveelheid hormonen week per week verschilt. Beide soorten zijn even betrouwbaar.

    HOE GEBRUIK JE DE PIL?

    Anticonceptiepillen zitten in handige verpakkingen waarop de dagen van de week vermeld staan. Makkelijk dus om bij te houden wanneer je welke pil moet nemen. Elke maand kun je een korte stop inlassen om ongesteld te worden of je kan enkel strips na elkaar doornemen en daarna pas een stopweek inlassen.

    De pil neem je dagelijks. Zet een alarm op je telefoon, zodat je de pil elke dag op hetzelfde uur inneemt. Heb je ene dag gemist? Kijk dan goed op de bijsluiter van je pil wat men je aanraadt te doen of bel naar je huisarts. Geraak niet meteen in paniek, pas wanneer je twee dagen na elkaar de pil mist, moet je uitkijken omdat je niet langer beschermd bent. Gebruik in dat geval bij seks zeker een condoom.

    WAT ZIJN DE BIJVERSCHIJNSELEN?

    Aan het gebruik van de pil zijn wel enkele bijverschijnselen gekoppeld. Deze verschillen sterk van persoon tot persoon, de ene is er gevoeliger aan dan de andere. Bij de ene speelt hoofdpijn op, de andere krijgt last van gevoelige borsten. Maar er zijn ook goeie bijverschijnselen. Zo kan de pil goed zijn voor je huid (jeugdpuistjes), kan het je menstruatie korter en minder hevig maken en ook de krampen doen afnemen. De pil zorgt ook voor een minder heftige PMS (premenstrueel syndroom), dat vaak gepaard gaat met moodswings, gevoeligheid en irritatie. Belangrijk: de pil biedt géén bescherming tegen seksueel overdraagbare aandoeningen (soa’s).

    HOE BETROUWBAAR IS DE PIL?

    Als je ze inneemt zoals het moet, is de pil een heel betrouwbaar anticonceptiemiddel. Enkele weetjes:

    • Heb je moeten overgeven binnen de 2 uur na het innemen van je pil? Neem dan een nieuwe pil uit een reservestrip.
    • Sint-Janskruid en sommige geneesmiddelen kunnen de werking van de pil verminderen. Herinner je dokter eraan dat je de pil gebruikt zodat hij of zij daar rekening mee kan houden bij het voorschrijven van geneesmiddelen.
    • Antibiotica hebben geen effect op de werking van de pil, met uitzondering van enkele specifieke producten die gebruikt worden bij de behandeling van tuberculose.
    • Ben je 1 of meerdere pillen vergeten? Lees in de bijsluiten wat je moet doen als je je pil vergeten bent of neem contact op met je huisarts of gynaecoloog.

    DE VOOR- EN NADELEN OP EEN RIJTJE

    Ten slotte nog een overzicht van alle voor- en nadelen van het gebruik van de pil.

    Voordelen

    • Je krijgt door de pil een heel regelmatige cyclus.
    • Je kan ook zelf je cyclus regelen (menstruatie overslaan of uitstellen).
    • Door de pil worden je bloedingen vaak minder pijnlijk. Je verliest ook minder bloed.
    • Als je stopt met de pil, kan je in theorie onmiddellijk daarna zwanger worden.

    Nadelen

    • Je moet de pil elke dag op hetzelfde tijdstip kunnen innemen. De pil is daarom minder geschikt als je een onregelmatig leven hebt of vergeetachtig bent.
    • Je mag de pil niet gebruiken als je borstvoeding geeft.
    • De pil is niet handig als je omgeving of partner niet mag weten dat je anticonceptie neemt. Want dan moet je de pilstrip verbergen.
    • De eerste maanden kan je last hebben van tijdelijke nevenwerkingen zoals misselijkheid, hoofdpijn, gespannen borsten, doorbraakbloedingen of stemmingswisselingen. Dat komt doordat je lichaam moet wennen aan de hormonen. De bijwerkingen verdwijnen meestal spontaan. Als dat niet zo is, vraag dan bij je huisarts om een pil met een andere samenstelling.
    • De pil beschermt niet tegen seksueel overdraagbare aandoeningen (soa’s). Gebruik dus ook een condoom als je met een nieuwe partner vrijt. Doe een soa-test bij je huisarts voor je zonder condoom vrijt.
    • De pil is niet geschikt als je ouder bent dan 35 en roker bent. Je hebt dan een verhoogde kans op trombose, aderverkalking en hart- en vaatziekten.
    • Ook voor vrouwen ouder dan 40 jaar (die niet roken) is de pil minder geschikt.
    • Het risico op trombose is hoger bij pillen van de derde en vierde generatie.

  • Deze 5 tips helpen écht tegen snurken

    Ook nogal luidruchtig in je slaap? Misschien heb je er zelf niet zo last van. Maar wij durven te wedden dat jouw partner er minder vrolijk van wordt. Gelukkig zijn er heel wat zaken die je gewoon zelf kan doen, zodat dat snurken eindelijk verleden tijd is (of sterk vermindert).

    Allereerst raden we je aan om met je huisdokter over je snurkproblemen te praten. Het kan namelijk in bepaalde gevallen wijzen op een slaapapneu. Dit is een ademstilstand tijdens je slaap, wat gevaarlijk kan zijn. Op dat moment is je keelholte namelijk telkens kort geblokkeerd, zodat je even geen lucht meer krijgt.

    Bovendien kan snurken nefast zijn voor de kwaliteit van je nachtrust. Doe dus zeker iets aan de dieperliggende oorzaak ervan, als je je overdag snel moe voelt.

    Maar laten we jullie vooral wat eenvoudige tips geven, niet? Omdat snurken het gevolg is van wat nauwere luchtwegen tussen de neus en de stembanden, kan je er ook zelf heel wat aan doen.

    Tip 1: Slaap op je zij

    Slapen op de rug doet namelijk zowel de tong als de huig naar achteren zakken. Op deze manier zal je dus vanzelf beginnen snurken. En omdat slapen op je buik niet al te best is voor je nek, kies je dus het allerbest voor het slapen op je zij.

    Tip 2: Zorg er ook voor dat je voldoende slaapt

    Niet alleen je slaaphouding is belangrijk. Ook hoeveel je slaapt speelt een rol. Oververmoeidheid werkt namelijk het snurken in de hand. Kruip je op tijd het bed in en sta je toch moe op, dan geraak je zo stilaan in een vicieuze cirkel. Een reden te meer om eens richting huisarts te trekken!

    Tip 3: Doe wat aan je manier van leven

    Je levensstijl eens grondig onder de loep nemen, kan ook al veel ellende wegnemen. Vermijd bijvoorbeeld overgewicht. Dit maakt namelijk de wanden van de keelholte dikker. Bovendien ben je hierdoor zwaarder in je nek en gezicht.

    Wat afvallen kan dus al heel wat van die nachtelijke geluiden wegnemen. Sporten is daarbij zeker een goed idee. Het zorgt er namelijk voor dat je spiermassa toeneemt, maar het maakt ineens ook je keelspieren een pak sterker.

    Andere versterkende factoren zijn:

    1. Uitgebreid tafelen: Tafel ook zeker niet te zwaar, vlak voor het slapengaan. Dit alles verhoogt de kans op brandend maagzuur, gevolgd door snurken.
    2. Alcohol: Vermijd daarnaast alcohol als je binnen de twee uur gaat slapen. Het doet je spieren verslappen. Ook die in je tong, mond en keel.
    3. Roken: Last but not least: stop met roken. Roken zorgt namelijk voor irritaties van de keel, waardoor deze gezwollen geraakt. Bovendien raakt je neus er sneller door verstopt. Tips & tricks over het stoppen met roken, lees je hier!

    Tip 4: Doe iets aan je allergieën

    Misschien lijkt dit vergezocht, maar ook een allergie kan snurken in de hand werken. Logisch eigenlijk, want het zorgt voor een verstopte neus. Als je dus vermoedt dat je allergisch bent, ga dan zeker eens langs bij je huisarts en vraag naar wat goeie raad.

    Trouwens: ook als je verkouden bent, kan je om diezelfde reden tijdelijk wat snurken. Gebruik dan zeker een goede neusspray, om het lawaai wat te verminderen. Ook een neusspoeling, vlak voor het slapengaan, kan helpen.

    Tip 5: Gebruik speciale hulpmiddelen

    Halen bovenstaande tips helemaal niks bij je uit? Dan zijn er tegenwoordig ook handige hulpmiddelen om het snurken te verminderen. Zo zijn er speciale neuspleisters en keelsprays op de markt, die voor extra lucht tussen neus en keel zorgen.

    Wat je zeker ook kan overwegen, is een speciale mondbeugel. Vraag ernaar via onze klantenservice of jouw huisarts.

    En vooral: blijf af van die slaapmiddelen

    Net zoals kalmerende medicatie zorgen ze er net voor dat je harder gaat snurken. Je lichaam ontspant zichzelf namelijk door de geneesmiddelen, wat maakt dat je in slaap valt. Maar ook de keelspieren ontspannen zich nog erger dan normaal, met alle gevolgen van dien.

    Tot slot ook nog dit: bedenk vooral dat bovenstaande tips geen absolute wondermiddeltjes zijn. Soms is er een fysieke oorzaak waar grotere medische hulp bij nodig is. Denk maar aan een te grote huig, neuspoliepen of een scheve tussenschot in je neus.

  • Een gezond eetpatroon: wat houdt dat eigenlijk in?

    Gezond eten en drinken. Veel mensen denken dat dit supermoeilijk is en veel extra tijd opslorpt. Wel, dat hoeft niet zo te zijn. Hou gewoon onze tips in het achterhoofd en de betere gewoontes komen vanzelf. Geen excuses meer dus om er niet mee te starten!

    Belangrijk is wel dat je jezelf de nodige tijd gunt om je gewoontes te veranderen. Gooi daarom niet direct volledig het roer om, maar start met enkele tips die je het meest haalbaar lijken. Nadien voeg je daar enkel extra tips aan toe. Je zal merken dat je meer resultaat zal bereiken op langere termijn.

    Maar goed: over naar onze tips!

    Tip 1: Ga voor de juiste voeding

    Weet dit: heel wat slechte voeding bevat te veel zoet, vet en zout. Logisch, want zo kunnen fabrikanten goedkoop smaken creëren waar we van houden en die ons doen kopen. Het komt erop aan om deze knop om te draaien en op zoek te gaan naar gezondere producten. En dat mag je letterlijk nemen, want ze nemen vaak minder prominente plaatsen in de supermarkt in.

    • Kies uitsluitend vette vis en vetarm vlees. Zo zijn makreel, tonijn en sardines topkeuzes. Verder ga je het best voor kip, kalkoen, rund en varkensvlees.
    • Eet minstens 200 gram groenten per dag. Je kan er echt nooit teveel van eten. Bovendien zitten ze vol vitamines en geven ze je een verzadigd gevoel.
    • Eet ook twee stukken fruit per dag. Hiervan eet je echter best ook niet teveel.
    • Ga voor peulvruchten zoalslinzen en soja. Je krijgt er de nodige energie van en het zit vol vezels en foliumzuur.
    • Koop alleen maar vezelrijk brood, zoals volkoren en rogge. Vermijd de spierwitte varianten.
    • Kies ook de nodige voeding dat bacteriën en schimmels bevatten. Yoghurt en sojasaus zijn bijvoorbeeld goede keuzes.
    • Ga voor producten met onverzadigde vetten, zoals noten en vloeibaar bakvet. Want weet dat je wel degelijk wat vetten mag eten, omdat ze je helpen bij de spijsvertering. Wat je wel moet vermijden zijn de verzadigde vetten, zoals in kaas en worst.
    • En vooral: hou je handen van light-voeding. Soms zit hier nog altijd veel suiker of vet in.

    Boven alles is het belangrijk dat je hierbij gevarieerd eet. Zo hou je het veel langer vol. Kijk daarbij ook naar het seizoen en wat de natuur aan lekkers te bieden heeft op dat moment.

    Tip 2: Maak je eten zelf klaar, met de nodige aandacht

    Ga alleen nog maar voor voeding die door mensen is gemaakt. Geen kant-en-klaarmaaltijden meer dus, die vol suiker en zout zitten.

    Ga je zelf met potten en pannen aan de slag? Denk dan aan dit:

    • Wees zuinig met olie en vet tijdens het koken. En verhit de vetten maar kort.
    • Verwarm je groenten niet te lang. Zo houden ze hun smaak en voedingsstoffen optimaal vast.

    Tip 3: Drink de juiste dingen

    Je kan het al raden, maar hier is water de absoluut beste keuze. Maar ook thee en zwarte koffie zonder melk en suiker mag je met een gerust hart tot jou nemen. Drink hier zeker ook voldoende van. Met minstens anderhalve liter per dag ben je alvast op de goede weg. Zo zorg je ervoor dat alle goede voedingsstoffen je hele lichaam bereiken en de afvalstoffen ineens ook afvoeren.

    Uiteraard is alcohol iets dat je beter vermijdt.

    Tip 4: Eet op de juiste momenten

    Onregelmatig eten zorgt voor opstapelingen van vet. Je lichaam weet immers totaal niet meer waaraan zich te verwachten en slaat alles op. Spreid dus je maaltijden doorheen de dag. Eet minstens elke 2 à 3 uur een kleine hoeveelheid, zodat je tussendoor niet aan het vreten slaat.

    Ga hierbij ook niet met een overvolle maag. Je moet eigenlijk nog een beetje honger hebben, zodat je eten nog verder kan zakken en je maag volledig vullen.

    Tip 5: Eet enkel als je honger hebt

    Eten uit verveling doen we vaker dan we denken. Net zoals we soms de ijskast opentrekken om onszelf te belonen of te troosten.

    Hoe je weet dat je écht honger hebt? Wel: op zo’n moment zou je eender wat willen eten. En dus niet enkel snoepgoed.

    Tip 6: Eet uit kleinere borden (en drink uit kleinere glazen)

    Je zou ervan versteld staan hoeveel in het hoofd zit. Zo heb je de neiging om altijd je bord leeg te eten. Als je dus uit een groot bord eet, zal je automatisch ook meer eten.

    Eet trouwens ook niet te snel. Geniet en laat het verzadigend gevoel geleidelijk aan op je afkomen. Laat je ook niet afleiden door tv te kijken tijdens de maaltijd. Wees je er bewust van hoeveel je binnenspeelt.

    Tip 7: Durf af en toe te zondigen

    Te vastberaden met de vorige tips bezig zijn zal je alleen maar ongelukkig maken. En het vergroot de kans op een compleet nefaste vreetbui.

    Sta jezelf dus af en toe een pleziertje toe, zonder schuldgevoelens. Zolang de uitzonderingen uitzonderingen blijven en geen regel. Zondig dus zeker, maar met mate.

  • Zo vermijd je vermoeide ogen

    Oogleden die zwaar aanvoelen, tranende of net hele droge ogen, een troebel zicht of zelfs hoofdpijn. De kans is groot dat jij ook al wel eens last had van vermoeide ogen. Maar waar komt het vandaan en vooral: wat doe je eraan?

    Schermen, schermen en nog meer schermen

    Smartphone, computer, televisie, tablet: vandaag de dag lijkt het soms wel alsof we van scherm naar scherm zwerven. Op het werk én thuis. Leuk natuurlijk, maar je ogen zijn daar niet altijd blij om. Zij moeten zich immers voortdurend inspannen en krijgen er na een tijdje simpelweg genoeg van.

    TIP: Voel je dat je je niet goed meer kan concentreren en dat je ogen moe worden? Klap de laptop even toe of leg de tablet even aan de kant en maak een wandelingetje. Zo geniet jij van de frisse buitenlucht en je ogen van het buitenlicht.

    Kunstmatig licht

    Wie vaak binnen werkt, doet dat - zeker nu de dagen korter en donkerder worden - meestal binnen in kunstmatig licht. Daardoor missen onze ogen bepaalde vitaminen afkomstig van natuurlijk zonlicht en moeten ze vaak heel veel moeite doen om zich aan te passen als je het huis uitgaat.

    TIP: Verlichting en de lichtinval is belangrijk voor je ogen als je aan het werk bent. Rechtshandigen zorgen er het beste voor dat het licht over de linkerschouder op het scherm komt, linkshandigen over de rechterschouder. Op die manier moeten de ogen geen rekening houden met schaduwen en geraken ze minder snel vermoeid.

    Te weinig slaap

    Sowieso is een goede nachtrust belangrijk om je hele lichaam te laten recupereren van alweer een dag vol inspanningen. Wie te weinig slaapt, voelt dat meteen aan de rug, benen en het hoofd, maar ook de ogen protesteren: ze voelen zwaar aan en soms zijn ze zelfs pijnlijk.

    TIP: Probeer zeker acht uur per dag te slapen, zo krijgt je hele lichaam maar ook je ogen voldoende rust en kunnen ze de volgende dag weer fris aanvatten.